Create Content

Versions Compared

Key

  • This line was added.
  • This line was removed.
  • Formatting was changed.

Anchor
Top
Top
Table of Contents
stylenone
printablefalse
Het melkexamen

Het melkexamen:
Om een gecertificeerd melker te worden moet je slagen voor het melkexamen. Voorafgaand aan het melkexamen heb je een theorie examen en een voormelk traject. Naast het traditionele melkexamen is er nu ook een melkexamen niveau 2 en een melkexamen automatisch melken. 

...

14.1 niv 2 machinaal melken medewerker

 

 

Omhoog

14.1.1 Deelnemersinstructie Melken Medewerker

...

 

 

14.2.1. Deelnemersinstructie zelfstandig machinaal melken

...

10. Kennis van melkwinningsapparatuur
De deelnemer kent de namen en de functies van de verschillende onderdelen. De deelnemer moet een oordeel kunnen geven over de onderhoudstoestand van de melkinstallatie.

Omhoog

14.2.3 De

...

120 vragen behorend bij het examen zelfstandig machinaal melken (versie 2019)

Vragen voor examenkandidaten bij het praktijkexamen machinaal melken

Leerstof waarmee deze vragen beantwoord kunnen worden is in hoofdzaak te vinden in het digitale leerboek melkwinning: []

Zaken die de bedrijfsinstallatie betreffen zijn dus niet altijd letterlijk in het boek: wikimelkwinning terug te vinden. De kandidaat dient tijdig de voormelker (instructeur) te raadplegen.
Tijdens het praktische melkexamen moet de kandidaat in staat zijn deze vragen te beantwoorden. De jury zal dit kunnen nagaan door minstens 10 willekeurig gekozen vragen aan de kandidaat voor te leggen.


1 - Voorbereiden melken

 

1. Bestudeer het meet - en adviesrapport (MAR) en lees van de MAR af wat het bedrijfsvacuüm en het aantal pulsaties per minuut moet zijn op dit bedrijf. Geef een toelichting.

2. Volgens welke melkmethode wordt er Wat is de manier van melken op dit bedrijf gemolken?? Of: hoeveel worden er tegelijk voorbehandeld enz.?

3. Wat bedoelen we met “een protocol”?

4. Zijn er protocollen aanwezig? Zo ja, leg ze uit!

5. Hoe weet je welke dieren speciale aandacht moeten hebben of apart worden gemolken?

 

2 - Voorbehandelen

6. Waarom is het in de meeste gevallen beter om niet meteen na het voorbehandelen het melkstel aan te sluiten?

7. Hoe veel koeien worden er per keer voor behandeld? Leg uit waarom?

8. Geef 3 doelen van de voorbehandeling.

9. Geef 3 redenen waarom het nuttig is dat de 1e stralen worden uitgemolken/weggemolkenweg gemolken.

10. Wat moet je doen bij afwijkende melk?

11. Wat bedoelen we met selectief aansluiten?

12. Wat is de bedoeling van de speenbehandeling na het melken?

13. Op welke manieren kun je zien dat een koe mastitis heeft?

14. Welke maatregelen dien je te nemen bij afwijkende melk?

 

3 - Melken

15. Waarom mag je geen lucht laten zuigen bij het aansluiten en het afnemen?

16. Leg uit wat de juiste aansluitmethode is. Waarom is deze ook het meest veilig?

17. Op welke manier moet je het melkstel onder de koe hangen? Leg uit wat de reden daarvan is?

18. Hoe zie je dat de koe de melk laat schieten?

19. Hoe kun je zien dat er blind gemolken wordt/was tijdens het melken en na het melken?

 

4 - Nabehandeling

20. Hoe moet dippen of sprayen worden uitgevoerd

21. Hoe Wat is een BO-monster en hoe dient een BO-monster te worden genomen?

22. Hoe moet een mastitisbehandeling worden uitgevoerd? Licht het behandelingsprotocol toe!.

 

5 - Adequaat en zorgvuldig werken

23. Wat is de capaciteit van de melkstal?

24. Hoe ga je om met verdacht afwijkende /afwijkende koeien?

 

6 - Veiligheids- en gezondheidsmaatregelen

25. Wat verstaan we onder ergonomisch verantwoord werken? Geef een beoordeling over het werken op je bedrijf.

26. Welke gezondheidsrisico’s loopt de mens tijdens melken?

 

7 - Bewaken kwaliteit

27. Welke kwaliteitsborgingeisen melkwinning zijn direct van toepassing op het bedrijf?Noem de 8 punten in het kwaliteitsstelsel van de melkfabriek.

28. Leg uit of demonstreer: het separeren van de melk op dit bedrijf.

29. Wat moet je met melk doen waarin mogelijk groeiremmende stoffen voorkomen?

30. Met welke kwaliteitsproeve(n) krijg je problemen als je fouten tijdens het melken maakt?

31. Met welke kwaliteitsproeve(n) krijg je problemen als de reiniging niet goed wordt uitgevoerd?

32. Met welke kwaliteitsproeve(n) kun je problemen verwachten als er onvoldoende wordt gekoeld?

33. Wat kunnen de oorzaken zijn van een te hoog kiemgetal in de melk?

34. Hoe kun je boterzuurbacteriën in de melk voorkomen?

35. Waarom mogen er geen groeiremmende stoffen in de melk voorkomen?

36. Wat wordt er bedoeld met oxydatiemiddelen Wanneer kunnen er groeiremmers in de melk aanwezig zijn?

37. Met welke kwaliteitsproeve(n) krijg je mogelijk problemen als er veel koeien met mastitis zijn?

38. Wat kan de oorzaak zijn als de zuurgraad van het melkvet te hoog is? 39. Waardoor kunnen er teveel thermoresistente bacteriën in de melk komen?

Reinigen

40 

8 - Reinigen

39. De examenkandidaat kan het reinigen uitvoeren en/of toelichten en kent de kritische punten bij de reiniging. Uitvoering volgens bedrijfsprotocol en controle van de reiniging. 41

40. Waarop dien je vooral te letten bij het schoonmaken van de melkstal op het bedrijf? 42

41. Wat moet de temperatuur van het voorspoelwater zijn en waarom moet deze zo zijn? 43

42. Waarom mag het water bij de meeste reinigingsmiddelen niet te koud worden? 44

43. Hoe lang mag de hoofdreiniging zijn?

4544. Hoeveel % reinigingsmiddel moet je op dit bedrijf gebruiken? Hoeveel ml is dat? 46

45. Waarvoor dient het naspoelen?

4746. Waarom moet je naspoelen met koud water?

4847. Wat moet je doen om kalkaanslag in de leidingen te voorkomen of te verwijderen?

 

9 - Koelen en bewaren van de melk

4948. Wat moet je voor het melken doen bij een lege tank?

5049. Hoe kun je controleren of de tank goed is gereinigd?

5150. Benoem de reinigingsprocedure van de tank?

5251. Wanneer moet je de koeler en de roerder inschakelen wanneer je met een lege tank begon te melken? 53. Wanneer moet je de roerder inschakelen bij de volgende melkmalen? 54

52. Waarom is het belangrijk dat bij een volgend melkmaal de warme en koude melk z.s.m. gemengd wordt?

53. Welke eisen worden er gesteld aan de kwaliteit van het water bij gebruik van een voorkoeler? 55

54. Welke inrichtingseisen stelt men aan het tanklokaal? 56

55. Waarop moet je speciaal letten als er een voorkoeler aanwezig is?
57. Welke handelingen moet je controleren en/of uitvoeren aan het begin van de volgende melkbeurt?
58Wanneer moet de voorkoeler uit staan en waarom?

56. Wat is de gewenste bewaartemperatuur van de melk in de tank?

5957. Na hoeveel uur moet de melk in de tank de gewenste temperatuur hebben bereikt?

6058. Op welke manieren kun je de kosten van het koelen van de melk verminderen/laag houden? 61. Waarom moet de roerder van de tank worden aangezet bij het begin van het melken?

 

10 - Kennis van melkwinningsapparatuur

6259. De examenkandidaat kan de werking en functie van verschillende onderdelen benoemen en kan de onderhoudstoestand beoordelen. 63

60. Wat is het merk van de installatie op dit bedrijf? 64

61. De examenkandidaat kan op het bedrijf waar hij/zij examen doet de volgende onderdelen aanwijzen? : vacuümpomp

Vacuümpomp, voorkoeler, drukwisselaar, frequentieregelaar overloopbeveiliging vochtvanger luchtafscheider melkstroomindicator regulateur melkpomp melkmeetglazen vacuümmeter melkfilter afnamecilinder vacuümleiding melkleiding pulsatieversterkers
65, overloopbeveiliger, vochtvanger, melkluchtafscheider, melkmeter, regulateur, melkpomp, persleiding, melkmeetglazen, vacuümmeter, melkfilter, afnamecilinder, vacuümleiding, schone luchtleiding, melkleiding en (vacuüm)spoelleiding.

62. Waaruit bestaat het vacuüm-aggregaat?

6663. Wat is de functie van de vacuümpomp?

6764. Hoe wordt de vacuümpomp gesmeerd?

6865. Hoe wordt een vacuümpomp aangedreven?

6966. Welk onderhoud vraagt de aandrijving?

7067. Waarom mag een vacuümpomp niet terug draaien bij uitzetten van de aandrijving?

7168. Hoe voorkom je terug draaien van de vacuümpomp?

7269. Waarvoor dient de vochtvanger?

7370. Kan het vocht en vuil dat in de vochtvanger komt voldoende gemakkelijk worden afgevoerd?

7471. Welk onderhoud vereist de vochtvanger? 75. Welke hoofdvertakkingen

heeft de vacuümleiding?
76. 72. Welk onderhoud vereist de vacuümleiding? 77. Welke onderdelen zijn op de vacuümpomp aangesloten

?
78. 73. Hoe wordt het vacuüm geregeld?

74. Indien er een frequentieregelaar aanwezig is. Wat is het voordeel van een frequentieregulateur?

75. Waarom is er een vacuümregulateur nodig? 79

76. Noem de soorten regulateurs?

8077. Welk soort regulateur is op je bedrijf gemonteerd?

8178. Hoe is deze regulateur instelbaar?

8279. Wat gebeurt er als je de instelling verandert?

8380. Wat is/zijn het nadeel/nadelen van een te hoog afgestelde vacuümregulateur?

8481. Wat is/zijn het nadeel/nadelen van een te laag afgestelde vacuümregulateur?

8582. Hoe kun je de juiste afstelling van de regulateur controleren?

8683. Welk onderhoud vraagt de regulateur?

8784. Waarom is er een vacuümmeter op de installatie gemonteerd?

8885. In welke eenheden wordt de onderdruk op de vacuümmeter aangegeven?

8986. Hoe hoog is het vacuüm/onderdruk tijdens het melken?

9087. Geef een beoordeling van dit vacuüm: hoog, gemiddeld of laag?

9188. Wat is de beste plaats voor de vacuümmeter in de installatie?

9289. Wanneer moet de vacuüm-hoogte worden gecontroleerd?

9390. Uit welke onderdelen is het melkopvanggedeelte samengesteld?

9491. Wat is de functie van de luchtafscheider?

9592. Hoe wordt de melk afgevoerd?

9693. Hoe wordt de lucht uit de melkleiding afgevoerd?

9794. Wat is de reden dat de melkpomp met tussenpozen wordt ingeschakeld?

9895. Hoe wordt de melkpomp ingeschakeld?

9996. Geef het hoogste peil en het laagste peil van de melk in de luchtafscheider aan.

10097. Wat is een frequentie gereguleerde melkpomp?

10198. Wat zijn de gevolgen als de melkpomp niet wordt ingeschakeld?

10299. Wat is de functie van de overloopbeveiliger?

103100. Wat is het gevolg als tijdens het melken de overloopbeveiliger in werking treedt?

104101. Wat gebeurt er als tijdens het melken de overloopbeveiliger niet goed functioneert?

105102. Hoe vindt reiniging van de overloopbeveiliger plaats?

106103. Waarvoor is de functie van het melkfilter?

107104. Hoe vaak dien je één filter te gebruiken?

108105. Van welk materiaal is de melkleiding gemaakt? Geef er een verklaring voor.

109106. Hoe kan er vacuüm op de melkmeetglazen komen?

110107a.
a. Langs welke weg verdwijnt de melk als je de afvoerkraan van het melkmeetglas opent?

      b. Welke gevolgen heeft dat voor het bedienen van de afvoerkraan? 111

108a.
a. Is er buitenluchtdruk nodig om de melk af te voeren?

      b. Wat is het bezwaar van gebruik van buitenlucht bij de afvoer van melk?

112109. In welke gevallen blijft het melkmeetglas onder vacuüm tijdens de afvoer van de melk?

113110. Uit welke onderdelen bestaat het melkstel? 114

111. Waarom zit er boven in de klauw een luchtgaatje?
115En als er geen gaatje zit, wat dan?

112. Verklaar hoe komt het dat de tepelhouders afgesloten zijn als je tijdens het aansluiten de klauw rechtop houdt. 116

113. Welke onderdelen heb je beslist nodig bij het automatisch laten afnemen van het melkstel? 117

114. Wat verstaan we onder de overbruggingstijd?
118. Op welke manier Hoe laat je de overbruggingstijd in gaan?

119115. Door welk onderdeel wordt het einde van de geregelde melkstroom vastgesteld?

120116. Bij welke hoeveelheid melk per minuut treedt de melkstroomindicator in werking? 121

117. Waarom wordt het melkstel niet onmiddellijk afgenomen als de melkstroom minder is dan de norm voor afname. Hoe wordt de tijd genoemd die tussen die meting ligt en de werkelijke afname?

122. Welke arbeidsmethode welke op dit bedrijf wordt toegepast?
123. 118. Waarom worden de tepelhouders altijd aangesloten met de hand die het dichtst bij de achterbenen is bij het “aan de zijkant” aansluiten?

124119. Wanneer is de koe ‘technisch’ uit?

125120. Wat zijn de gevolgen voor de werkvolgorde als je automatisch afnemen hebt t.o.v. het melken zonder hulpapparatuur?

...

14.3 niv 3/4 automatisch melken(vooropleiding zelfstandig machinaal melken)

 

 



14.3.1 Deelnemersinstructie

...

Inhoud van de training
Tijdens deze training worden de deelnemers geschoold in het geven van melklessen. Ook moet de voormelker voldoende kennis hebben van de melkwinning en melkinstallaties. Zo is de toekomstige voormelker op de hoogte van datgene een cursist over het melken en de melkinstallatie moet weten. Deze Algemene kennis zal de deelnemer vooraf moeten verkrijgen door zelfstudie mbv de lesstof op de
wiki melkwinning
Of de deelnemer de genoemde kennis voldoende beheerst wordt getoetst met een intrede toets. Zie ook de voorbeeldtoetsen in het hfst 14 4 voorbeeldtoetsen in het hoofdstuk Diagnostische toetsen (Melkexamen).

Tijdens de trainingsdagen worden naast didactiek en de voormelkershandleiding onderwerpen behandeld over melk, melkstallen, melkkwaliteit, uier- en diergezondheid. Ook vindt er een instructie lesgeven in de praktijk plaats.
Voorts zal de deelnemer zelf moeten oefenen, mede onder begeleiding van een ervaren voormelker of van een (AOC) docent. De beoordeling voor certificering als voormelker vindt plaats op een ingeleverd portfolio van de deelnemer.

Portfolio

...

Om er voor te zorgen dat het niveau van de voormelkers op peil blijft, adviseren we om als opleidingsinstituut tenminste éénmaal per 3 jaar een gezamenlijke bijeenkomst met alle verbonden voormelkers te organiseren. Belangrijk onderdeel van bespreking is het opleiden en beoordelen van deelnemers. Daarnaast worden er landelijk bijscholingsdagen georganiseerd. Op aanvraag worden cursussen georganiseerd door onderstaande organisaties in samenwerking met instellingen.

voormelkerscursussen

tipcow

 

PTC+

Omhoog